Tijdens de jaren '60, toen de misdaad er hoogtij vierde, kenden de Amerikaanse grootsteden een enorme bevolkingsvlucht vanuit de binnenstad naar de buitenwijken. Van 1950 tot 1990 verloor Chicago 23% van zijn bevolking; Washington, 24%; Detroit, 44%; Cleveland, 45%; St. Louis, 54%; en dat terwijl de totale Amerikaanse bevolking in die periode aangroeide met 64%.
Tegen deze achtergrond nam de politieke wetenschapper James Q. Wilson(1) de effecten van criminaliteit onder de loep. In 1982 verscheen in het Amerikaanse tijdschrift
The Atlantic Monthly een baanbrekend artikel van Wilson en de criminoloog Kelling getiteld "
Broken Windows - The police and neighborhood safety"(2) waarin een verband werd gelegd tussen wanorde en misdaad, verzinnebeeld door de metafoor van een 'gebroken ruit':
"…indien een ruit in een gebouw gebroken is en niet wordt hersteld, zullen al gauw de andere ruiten ook sneuvelen. Dit geldt zowel in goede als verloederde buurten. Het breken van ruiten gebeurt niet op grote schaal omdat sommige gebieden bewoond worden door hardnekkige ruitenbrekers of andere gebieden bevolkt zijn met ruitenliefhebbers, maar met het feit dat een gebroken ruit die niet wordt hersteld signaleert dat niemand erom geeft, en dus zullen er meer gebroken ruiten volgen."
Dit kan ook toegepast worden op andere inbreuken. Graffiti in de metro laat de metrogebruiker weten dat de omgeving die hij/zij ondergaat, niet gecontroleerd wordt. In een verloederde buurt is de drempel voor het plegen van criminaliteit immers veel lager. Bewoners zullen hun gedrag aanpassen door bijvoorbeeld 's avonds niet meer buiten te gaan waardoor hun onveiligheidsgevoel nog vergroot. Kortom: de afbraak van de informele sociale controle,veroorzaakt door een hoog niveau van overlast en signalen van verloedering, brengt meer criminaliteit teweeg. Of anders gezegd: orde voorkomt criminaliteit.
Het is in ieder geval duidelijk dat het onderzoek naar en de ontwikkeling van politiezorg en veiligheidsbeleid in de Verenigde Staten jaren vooruit is ten opzichte van Europa. Zerotolerantie werd voor het eerst in de praktijk toegepast door William Bratton, de hoofdcommissaris van New York. Bratton slaagde erin een ommekeer(3) te bewerkstelligen: in de periode van 1990 tot 1999 daalde het aantal criminele feiten van 700.000 per jaar tot 300.000. Bratton was ervan overtuigd dat het individueel gedrag van personen onder controle kan worden gehouden indien er duidelijke normen en regels opgesteld worden waaraan iedereen zich dient te houden. De in New York toegepaste Bratton-methode valt terug op vijf basisprincipes:
- doorgedreven criminaliteitsanalyse met een permanente opvolging en evaluatie,
- specifieke actieplannen tegen elke vorm van criminaliteit,
- responsabilisering door resultaatsverbintenis,
- doorgedreven informatisering voor een betere coördinatie en werking,
- decentralisatie van middelen, manschappen en bevoegdheden.
Bratton kreeg niet alleen navolging in vele andere Amerikaanse steden maar ook in Londen, Milaan en een aantal Franse steden.
Zerotolerantie: preventie én repressie
In het voorjaar pakte Filip Dewinter uit met het boek "Zerotolerantie tegen criminaliteit", waarin hij het antwoord van het Vlaams Blok op het veiligheidsprobleem in Vlaanderen formuleerde. Hierin wordt de evolutie van de criminaliteit in ons land geschetst, komen jeugd-, stads- en vreemdelingencriminaliteit aan bod en wordt het progressieve negationisme ter zake aan de kaak gesteld. Het falen van de politiehervorming wordt tevens in een apart hoofdstuk behandeld. Een commentator klaagde in zijn bespreking(4) de kostprijs van de voorgestelde maatregelen ter criminaliteitsbestrijding aan. Laten we de vraag echter eens omdraaien: hoeveel kost de criminaliteit ons? Denk maar aan medische verzorging, verloren gegaan bezit, kwaliteitsverlies van het leven en vergoeding van de slachtoffers.
Het fundament van het boek wordt echter gevormd door het zerotolerantieprincipe. Uiteraard pleit Dewinter er niet voor om het zerotolerantiebeleid van New York zomaar te kopiëren en toe te passen in Vlaanderen. Het gaat hem om de beleidsfilosofie. Zerotolerantie wordt maar al te vaak voorgesteld als een soort
shock & awe-aanpak(6) waarbij het gebruik van overdonderend geweld wordt toegepast om zoveel mogelijk effect te sorteren. Dit getuigt van een verkeerd begrip en negeert het feit dat zerotolerantie gebaseerd is op het
broken windows-theorie en past in een breder concept van
community policing of gemeenschapspolitiezorg.
Een gemeenschapsgerichte politiezorg omvat veel meer dan een eenzijdig reactieve houding van de politie, meer dan het louter reageren op veiligheidsproblemen. De gemeenschapspolitiezorg is een beleidsstrategie die streeft naar een effectievere en efficiëntere criminaliteitsbeheersing en omvat het verminderen van het onveiligheidsgevoel, het verbeteren van de kwaliteit van het leven, het verhogen van de dienstverlening en de legitimiteit van de politie door het aanwenden van een groeiend vertrouwen in de mogelijkheden van de gemeenschap. Hierbij dient men zich te richten op de wijziging van de oorzaken van de criminaliteit. Dit veronderstelt een toename van de behoefte om rekenschap af te leggen vanwege de politie, een groter aandeel van de bevolking in de besluitvorming en een grotere bekommernis omtrent burgerlijke rechten en vrijheden.
Veiligheid door orde
Wilson en Kelling stellen in hun
broken windows-theorie dat overlast en criminaliteit door een streng en accuraat politieoptreden tegen zogenaamde kleine criminaliteit en anti-sociaal gedrag kan worden voorkomen.
Dewinter geeft drie doelstellingen van een harde aanpak van de criminaliteit:
recht doen geschieden en orde handhaven;
de criminaliteit terugdringen;
het herstellen van een normatief referentiekader zonder dewelke onze maatschappij onmogelijk kan functioneren.
Straatprostitutie, publieke dronkenschap en antisociaal gedrag kunnen een gemeenschap sneller ondermijnen en vernietigen dan witteboordencriminaliteit, stelden Wilson en Kelling in hun artikel uit 1982. De handhaving van de orde mag niet los gezien worden van de criminaliteitsbestrijding. De manier waarop sinds jaren in ons land het veiligheidsbeleid wordt georganiseerd en de criminaliteit wordt 'bestreden', vertrekt vanuit een kortzichtige liberaal-individualistische opvatting. Misdaadstatistieken en slachtofferpeilingen stellen enkel individuele verliezen vast, maar laten het verlies voor de gemeenschap buiten beschouwing. Net zoals dokters nu het belang erkennen van gezond leven en niet louter en alleen ziektes behandelen moet onze gemeenschap eveneens erkennen dat de handhaving van orde een vereiste is voor een samenleving die de kwaliteit van het leven (
communities without broken windows) voorop stelt.
jan.lievens@vbj.org
Uit: Breuklijn - september 2003.
(1) Wilson behaalde zijn Ph.D. aan de Universiteit van Chicago in 1959 en doceerde later aan Harvard en UCLA.
(2) "
Broken Windows - The police and neighborhood safety" - James Q. Wilson and George L. Kelling,
The Atlantic Monthly, maart 1982. Zie:
http://www.theatlantic.com/politics/crime/windows.htm - later uitgewerkt in het boek "
Fixing Broken Windows: Restoring Order and Reducing Crime in Our Communities" - George L. Kelling, Catherine M. Coles, James Q. Wilson, New York, The Free Press, 1996.
(3) "
Turnaround: How America's Top Cop Reversed the Crime Epidemic" - William Bratton (with Peter Knobler), Random House, New York, 1998.
(4) "
Zerotolerantie in België alibi voor repressie", John De Wit, Gazet van Antwerpen, 17 april 2003. De recensent miskent tevens de preventieve werking die uitgaat van een zerotolerantiebeleid en verliest uit het oog dat nauw contact met én inspraak van de bevolking juist centraal staan.
(5) Verwijzing naar de Pentagon-strategie gebruikt bij de inval in Irak, letterlijk "o
verdonder en overbluf".
(6) Definitie van Robert R. Friedmann, in
Community Policing: Some Conceptual and Practical Considerations, Home Affairs Review, 1996, Volume XXXIV (No. 6).