"Prestatie is plicht, en geeft alléén rechten."
Vlaams Blok Grondbeginselen (Manifest van het rechtse Vlaams-nationalisme)
De verzorgingsstaat heeft zich stevig geïnstalleerd en geconsolideerd in het Westen en het ziet er niet naar uit dat de bestaande oppositie erin zal slagen structurele veranderingen aan te brengen, laat staan dat ze een alternatief kan aanbieden. In zijn studie
'After Liberalism. Mass Democracy in the Managerial State' schetst politiek analist Paul Gottfried de ontwikkeling van de natiestaat met beperkte bevoegdheden die zo'n honderd jaar geleden bestond naar de moderne administratieve democratie. In tegenstelling tot wat de negentiende-eeuwse critici van de democratie geloofden, hebben het algemeen stemrecht en de verstedelijking niet geleid tot het uitbreken van anarchie en gewelddadige onteigeningen. Integendeel, het volk ging stemmen en droeg zijn macht over aan een publieke administratie.
De
'managerial state' waarover Gottfried het heeft, kunnen we gelijkstellen met de verzorgingsstaat of
Sozialstaat. De verzorgingsstaat refereert naar het
social engineering redistributieve regime, dat zijn ontstaan vond in de massademocratie van de twintigste eeuw. Massademocratie is een term om een overheid te omschrijven die regeert in naam van het 'volk', maar in werkelijkheid in hoge mate gecentraliseerd is en in toenemende mate opereert zonder een etno-culturele kern. Dat bureaucratische rijk herverdeelt politieke gunsten en voorziet in een minimum aan fysieke bescherming van zijn onderdanen, maar is niet langer in staat of geïnteresseerd in het uitoefenen van zelfbestuur.
Gottfried benadrukt de historische discontinuïteit tussen enerzijds het klassieke liberalisme uit de negentiende eeuw met zijn nadruk op een minimum aan overheidsinterventie in de private sfeer en anderzijds het
'managerial' liberalisme (of post-liberalisme) uit de twintigste eeuw. Hedendaagse liberalen geloven dat "mensen hun eigen weg laten gaan niet zal volstaan om hen openheid of burgerzin bij te brengen".
De interne logica van een universalistische ideologie zoals het liberalisme is dat het zich moet uitbreiden over de gehele wereld om te bewijzen dat zijn principes universeel geldig zijn. Hieruit volgt onder meer een open-grenzen-beleid. De verzorgingsstaat, drager van een abstracte mensenrechten-ideologie en dito multiculturalisme, pretendeert pluralisme en diversiteit te beschermen door het criminaliseren van 'ongevoeligheid' tegenover vreemdelingen, homo's, vrouwen, gehandicapten en andere 'benadeelde' groepen, terwijl hun methodes conformisme bevorderen en ware menselijke verscheidenheid vernietigen.
Psychologische intimidatie en uitsluiting spelen een grote rol in de verzorgingsstaat. Om de wereld te democratiseren moet de 'andere' gemarginaliseerd worden. Die 'andere' is het 'fascisme' of 'extremisme', namelijk diegenen die kritisch staan tegenover het huidige regime. In een poging om de burgers vrij te maken, heeft de verzorgingsstaat een soort gevangenis gecreëerd. De verzorgingsstaat heeft een therapeutische functie waarbij de mentale gezondheid van de burgers verzekerd wordt door het bestrijden van pathologieën zoals onverdraagzaamheid en fascisme. Burgers zijn verworden tot patiënten; dissidenten worden ontmenselijkt. Bestaat er een grotere ironie dan de verzorgingsstaat als ideologie die totalitaire methoden gebruikt voor antitotalitaire doelstellingen? De paradox is dat deze totalitaire democratie
(1), in tegenstelling tot de communistische garnizoenstaat of de Italiaanse fascistische totale staat, ontkent dat ze macht uitoefent.
De semantische diefstal van de term 'liberale democratie' door de beleidsverantwoordelijken van de moderne liberale staat wordt gebruikt als vijgenblad om machtsmisbuik te maskeren. De verzorgingsstaat is wel degelijk een machtsinstrument en is gefundeerd op een in toenemende mate van sociale zekerheid afhankelijke arbeiders- en middenklasse, een zelfverzekerde publieke sector en een journalistieke voorhoede met een muilkorffunctie. Het regime en zijn apologeten zijn erin geslaagd de oppositie te marginaliseren door het opleggen van een pluralistische ideologie - weliswaar met de inachtneming van een politiek-correcte bandbreedte. Dat blijkt uit de houding van centrum-rechts, dat als getolereerde oppositie een halfslachtige kritiek geeft op de overheidsbureaucratie, terwijl ze waarschuwen voor 'populistisch extremisme'.
De psychologische effecten van de verzorgingsstaat zijn eveneens niet te onderschatten. Een systeem dat werken bestraft en mensen beloont die arm, ziek of werkloos zijn, remt het initiatief. Uitkeringen veroorzaken wat ze menen te bestrijden en hebben een groot demoraliserend effect met een gebrek aan zelfrespect en afhankelijkheid van het systeem tot gevolg. De verzorgingsstaat hult dit alles in een
newspeak: de taal van de zorgzaamheid. Deze zachte maar efficiënte dictatuur creëert wat Nietzsche de slavenmoraal noemt.
Het liberalisme huldigt een negatieve definitie van vrijheid: zolang we niet belemmerd worden in ons doen en laten, zijn we vrij. Maar ware vrijheid is alleen mogelijk als het volk zichzelf bestuurt. In deze republikeinse opvatting die teruggaat tot de politieke theorie van de Florentijn Niccolo Machiavelli, uiteengezet in zijn werk
Discorsi(2), is vrijheid een toestand van onafhankelijkheid. Alleen al het besef afhankelijk te zijn heeft immers een corrumperende invloed op de menselijke persoonlijkheid
(3). Het nationalistisch alternatief tegenover de verzorgingsstaat is de republikeinse prestatiegemeenschap met een sterk zelfbestuur.
jan.lievens@vbj.org
Uit: Breuklijn - februari 2004.
1. De Franse conservatieve filosoof Claude Polin onderscheidt drie hoofdcomponenten in het totalitarisme, die we tevens terugvinden bij de verzorgingsstaat: economisme, egalitarisme en universalisme. (L'esprit totalitaire, 1977 en Le Totalitarisme, 1982). Zie ook J.L. Talmon's The Origins of Totalitarian Democracy (1955), die de oorsprong van de totalitaire messianistische democratie traceert tot de Verlichting.
2. Tesamen met Il Principe (De Heerser) is Discorsi sopra la prima deca di Tito Livio (Verhandelingen over de eerste tien boeken van Titus Livius) het belangrijkste politieke werk van Machiavelli. Meer informatie: Politiek en macht: Machiavelli's nieuwe orde (Breuklijn december 2003).
3. Cfr. Alexander Zinoviev's Homo Sovieticus, 1982.